Tiplijn:
0800 - 333 2 333

Het vervolg: De affaire Rapmund. Shell, de halve waarheid en de doofpot….Leo Rapmund
maandag 4 mei 2009, 12:00 uur
Het vervolg: De affaire Rapmund. Shell, de halve waarheid en de doofpot….

AAN BOORD VERMIST

Shell stelt dat zij in 1974 ‘de familie van de overledene heeft geïnformeerd’, maar ook: ‘Helaas kunnen wij op dit moment niet meer achterhalen in welke mate van detail dit is gebeurd’

In welke mate van detail… Deze draaikonterige formulering verraadt natuurlijk al heel veel en zou bijna lachwekkend zijn als de zaak niet zo ernstig was. Het dossier wijst ook op heel iets anders. In ons bezit is de officiële overlijdensbrief – van 20 mei 1974 – die Shell aan de moeder van Leo Rapmund schreef. Daarin staat alleen maar dat Leo ‘in de middag aan boord werd vermist’.

Dezelfde boodschap was een paar dagen eerder ook nog eens mondeling door een Shell-functionaris overgebracht en ook in het officiële In Memoriam in een schippersblad werd een maand later alleen maar gesteld dat Rapmund ‘werd vermist’. Geen woord over een gewelddadige vechtpartij en het feit dat hij letterlijk over boord was getrapt.

BEVESTIGING

En dat de brief en de mondelinge mededeling aan de familie volledig met elkaar overeenstemden, blijkt wel uit de formulering in de brief: ‘Tot ons leedwezen moeten wij u hiermede bevestigen hetgeen u jongstleden zondag door een onzer employés werd medegedeeld’. En in de brief wordt vervolgens alleen maar gesteld dat Leo Rapmund ‘aan boord werd vermist’. Need I say more?

Maar los daarvan: Als Shell de familie wél had ingelicht over het delict, had het natuurlijk voor de hand gelegen dat er in de weken, maanden en misschien zelfs jaren daarna regelmatig contact was geweest over de – juridische – afhandeling daarvan. Wie was de verdachte? Wat gebeurde er met hem? Kwam er vervolging, een rechtzaak? Etc. etc. Maar niets van dat alles. Shell kan geen snipper papier overleggen waar dat uit blijkt.

Sterker nog, later, in 1995, heeft een andere opvarende van de tanker ‘Capulonix’ – een Shell-employe dus – de familie Rapmund ingelicht over de werkelijke gebeurtenissen, omdat zijn geweten knaagde. Deze man nam deze nogal gewaagde stap natuurlijk niet omdat hij meende dat de familie Rapmund zo keurig door Shell was geïnformeerd. En dat was de familie ook niet: Tot op dat moment ging men er van uit dat Leo mogelijk zelfmoord had gepleegd, aangezien hij op klaarlichte dag, op kalme zee overboord was geraakt.

GEHEUGEN OPGEFRIST

Een zeer overtuigende aanwijzing dat de familie al die tijd daadwerkelijk in die waan verkeerde, is de brief die zij op 24 november 1995 via hun advocaat aan Shell schreef, toen zij kort daarvoor door de Shell-werknemer alsnog van de ware feiten op de hoogte waren gebracht. De familie had natuurlijk nooit op hoge toon en zwart op wit aan de bel getrokken, als zij in de jaren daarvoor door Shell telkens op de hoogte waren gebracht.

In dat geval had zij er immers op kunnen rekenen dat Shell hun geheugen subtiel even zou hebben opgefrist met aantekeningen en correspondentie uit het dossier, waaruit zonneklaar naar voren kwam dat het verhaal niets nieuws bevatte en dat de familie dat allang wist: zaak gesloten.

Alles, maar dan ook werkelijk alles, wijst er op dat Shell dit niet heeft gedaan.

‘GEEN PADVINDERIJ AAN BOORD…’

Toen de familie in 1995 en 1996 verhaal kwam halen op de schokkende getuigenis dat Leo was vermoord, werd zij door Shell op het advocatenkantoor van de oliemaatschappij – De Braauw, Blackstone & Westbroek – als een stel jengelende kinderen afgescheept. Alle verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid werd botweg afgewezen. En toen een familielid hiertegen protesteerde en zei dat er aan de dood van Leo toch een heftige vechtpartij vooraf was gegaan, werd er door de Shell-directeur geschamperd: ‘Het is aan boord van een tanker nou eenmaal niet de padvinderij…’.

Het bleef daarna een poos stil, totdat eind 2008 mijn programma op de affaire werd geattendeerd. We kregen toen een email van een dochter van een ooggetuige uit 1974, die alles op de ‘Capulonix’ had zien gebeuren. In dit mailtje werd zonder omhaal gesteld dat ‘Leo Rapmund was vermoord… dat de dader vrijuit was gegaan… dat Shell alles in de doofpot had gestopt… en dat hij daar – 34 jaar later – zeker psychische schade door had geleden’. Ook dit betrof een Shell-medewerker. En ook hij schreef dit mailtje niet omdat hij de overtuiging had dat alles zo keurig volgens de regels was afgehandeld.

Laatste update: woensdag 7 december 2011, 10:16 uur