Tiplijn:
0800 - 333 2 333

zondag 3 oktober 2004, 12:00 uur
(Vogel)vrije pers!

Afgelopen dinsdag was het weer een keer zover. Het was tegen zes uur en op kantoor nam ik nog wat dossiers door, toen de telefoon rinkelde: officier van justitie mr. Koos Plooy, van het Landelijk Parket. ‘Kan ik je met spoed spreken?’, opende hij. En hoewel ik toen eigenlijk al de bui voelde hangen, vroeg ik nog: ‘Waarover?’ Plooy antwoordde zonder omwegen: ‘Over je eigen veiligheid’. De volgende ochtend zat ik op het Landelijk Parket in de Haarlemmermeer met Plooy en zijn collega-officier van Justitie mr. Fred Teeven aan tafel. Er was ‘informatie binnen gekomen’ dat er voorbereidingen werden getroffen om in de maand november een moordaanslag op mij te plegen. Motief was te verhinderen dat mijn televisieprogramma aandacht zou gaan besteden aan de liquidaties in de Amsterdamse onderwereld en dan met name aan de moorden op Jan Femer, Sam Klepper en vastgoedtycoon Willem Endstra. De informatie die de twee aanklagers hadden binnengekregen was behoorlijk concreet. De opdrachtgever zou een persoon zijn die ‘een conflict’ heeft met voormalig Heineken-ontvoerder Willem Holleeder. De tipgever was zo goed op de hoogte dat hij zelfs wist aan te geven dat de executie zou worden uitgevoerd door dezelfde – nooit gepakte – schutter die vier jaar geleden op de Amsterdamse Haarlemmerdijk de 56-jarige Jan Femer heeft doodgeschoten.

Een rechercheteam zou de komende tijd proberen de herkomst van de informatie te onderzoeken, tot die tijd moet ik in ieder geval ‘voorzichtig’ zijn, zo luidde de boodschap. Een uurtje later reed ik weer weg, broedend op de vraag hoe je dit nieuws inkleedt als er bij thuiskomst argeloos wordt geïnformeerd of er ‘vandaag nog iets bijzonders is geweest?’ Alhoewel, écht opkijken doen ze er niet meer van. De afgelopen twee en half jaar ben ik meer bedreigd dan in de vijf en twintig er voor. Het meest tekenend is misschien wel juist dat het thuisfront inmiddels met een zekere ‘gewenning’ reageert op dit soort onheilstijdingen, al wordt wel steeds vaker de vraag opgeworpen of misdaadverslaggeving vandaag de dag in Nederland nog wel kan. Ik weet uit de eerste hand dat enkele collegae van mij dezelfde ervaringen hebben. De eerste kogelvrije-auto’s-van-de-zaak hebben hun intrede al gedaan.

De afgelopen jaren ben ik zo vaak door de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) van diverse politiekorpsen benaderd met de boodschap dat er ‘informatie was binnengekomen’, dat ik de tel ben kwijt geraakt. Ik herinner mij nog goed een Kerst en jaarwisseling dat er permanent een politieauto voor de deur stond als bewaking, wat onze gasten en buren niet echt een feestgevoel gaf. Er zijn nachten geweest dat zwaar bewapende agenten met kogelvrije vesten aan in de keuken, garage en tuin zaten, omdat er ‘elk moment iets kon gebeuren’. Tijdens een recente buitenlandse vakantie is de bevriende logees in mijn huis door de met vier auto’s uitgerukte plaatselijke politie te verstaan gegeven dat zij beter ‘per direct’ een weekeindje weg konden gaan, want ‘er was informatie binnengekomen…’. En dikwijls is mij zelf ook geadviseerd ‘voor de zekerheid’ maar een lang weekend in een vakantiehuisje op de hei te gaan zitten. Het is echter niet alleen politie die waarschuwt. Soms ook het milieu. Verleden jaar meldde zich nog iemand op de redactie dat hij was aangezocht om mij ‘om te leggen’. De opdrachtgever wist hem – correct – te melden waar en hoe laat ik altijd sportte: daar moest het gebeuren. Ik heb daar officieel aangifte van gedaan bij de politie, maar er is nooit iets mee gedaan. Tot op de dag vandaag hebben mijn collegae-misdaadverslaggever en ik eigenlijk nooit iets over deze buitenissige ‘secundaire arbeidsvoorwaarden’ van ons vak naar buiten gebracht, uit een soort van ongeschreven beroepscode: val je kijker of lezer niet lastig met de besognes van je werk. Ik denk echter dat het tijd wordt om een keer hardop te zeggen dat de tijden veranderd zijn en het zo langzamerhand de gewoonste zaak van de wereld is om ook in ons land misdaadverslaggevers met de dood te bedreigen als zij dingen schrijven en zaken onderzoeken die anderen niet aanstaan. (Vogel)Vrije pers! Tot nu toe is het gebleven bij dreigementen of was het loos alarm. Je hoeft echter geen helderziende te zijn om te voorspellen dat er ook een dag komt dat men een stap verder gaat. En wie durft er dan nog te zeggen en te schrijven wat gezegd en geschreven moet worden?

Telegraaf op zondag nr. 15:   oktober 2004

Laatste update: donderdag 18 maart 2010, 15:22 uur