Toen ik afgelopen woensdag bij de rechtbank in Utrecht arriveerde om er bij de rechter-commissaris een getuigenverklaring af te leggen in de ‘Baarnse moordzaak’, stond er voor de ingang een rij wachtenden van minstens 20 personen. Het kostte mij een kwartier om binnen te komen in het paleis van justitie, wat toch geldt als een publiek gebouw. Binnen moest iedereen door een detectiepoortje, nadat men eerst alle metalen voorwerpen en sieraden had moeten afdoen. Tassen, dossiers en andere zaken gingen door een scanner. Als je ‘piepvrij’door het poortje kwam, werd je evengoed nog door een beambte met plastic handschoenen van onder tot boven gefouilleerd. Pas daarna kon ik – te laat – door naar het kabinet van de rechter-commissaris. Terwijl ik daar even later in alle rust antwoord gaf op de vragen van de advocaat van de niet aanwezige verdachte, ging ineens de deur open. Er achter stond een aantal bezwete, opgewonden parketwachten. Toen wij hen verbaasd aankeken, werd de rechter-commissaris naar buiten gewenkt. Even later kwam ze enigszins beschaamd terug. De griffier, die alles noteerde, had per ongeluk op de alarmknop onder zijn bureaublad gedrukt en dus was men vijf man sterk aan komen vliegen in de veronderstelling dat de rechter-commissaris ontzet moest worden. Omdat het verhoor iets uitliep, ging ik tussendoor even de parkeermeter bijvullen. Toen ik twee minuten later terugkwam, moest ik uiteraard weer alles afdoen en werd ik opnieuw van top tot teen gefouilleerd. ‘Ja meneer De Vries, zo werkt dat, ik hoop dat u daar begrip voor heeft’.
Nou eerlijk gezegd vind ik het nogal mesjogge allemaal! Rechtbanken zijn vestingen geworden, waar voor kapitalen aan beveiligingsmedewerkers wordt uitgegeven, die de normale gang van zaken dusdanig verstoren dat een bezoek een crîme is geworden. Natuurlijk, er zijn een paar nare incidenten geweest in het verleden en een paleis van Justitie kan geen Zoete Inval zijn, maar geregeerd door de angst is men nu volledig doorgeslagen. De inspanningen en kosten wegen totaal niet op tegen het resultaat en niet te vergeten de dagelijkse ergernis. Maar ja, het is me al eerder opgevallen dat als het eigen hachje van justitiemedewerkers in het geding is, er altijd driedubbele maatregelen volgen, terwijl er natuurlijk veel meer overheidsgebouwen zijn waar wel eens iets voorvalt, zonder dat er een kordon omheen wordt gelegd. En dan heb ik het nog maar niet over gewone ondernemers die regelmatig in hun bedrijven worden bedreigd, bestolen en geterroriseerd maar vaak aan hun lot worden overgelaten.
Hoe het werkt bij justitie werd afgelopen week nog eens bevestigd door officier van justitie mr. Koos Plooy in het tv-programma ‘Spraakmakende Zaken’. Hij vertelde daarin hoe hij door een advocaat werd bezocht die hem meldde dat er Albanezen onderweg waren om hem te liquideren. Dat is natuurlijk geen feestelijk bericht, maar als crimefighter tegen de georganiseerde misdaad komt zoiets ook weer niet helemaal uit de lucht vallen. Plooy was echter direct zo van slag, zo vertelde hij in het programma, dat hij nauwelijks meer in staat was vragen te stellen aan de advocaat. Veel meer dan dat de Albanezen onderweg waren, had de pleiter ook niet gezegd, bleek uit de uitzending. Als iemand die de afgelopen jaren zelf ook nogal eens dit soort boodschappen heeft gekregen, vind ik dat nogal een mager gegeven. Graag wat meer feiten, zou ik zeggen! Maar Plooy dook direct weken onder op een plek ‘in the middle of nowhere’ en vertoonde zich aanvankelijk niet meer op het parket in Amsterdam. In de periode daarna werd hij dag en nacht door vier tot acht man bewaakt en kon geen normaal leven meer leiden. Natuurlijk, ook een magistraat heeft maar één leven, maar je kunt ook overdrijven. Ik weet niet of u het – zeer goed beveiligde! – kantorencomplex van justitie aan de Parnassusweg kent, maar na twintig jaar weet ik nog zelfs niet bij benadering wie waar precies zit in de hoge torens en lange gangen. Al zouden ze de huurmoordenaars een vrijgeleide hebben gegeven, dan liepen ze er nu nog te dwalen. En dat niet alleen, er is ook een speciale ondergrondse parkeergarage waar justitiemedewerkers ongezien kunnen worden binnen geloodst, zeker in een beetje gecamoufleerde auto. Vanwaar dan toch dat cowboy-gedoe om wekenlang met een escorte van drie wagens en acht begeleiders het land door te crossen? Justitie beschuldigt de media er wel eens van de onveiligheidsgevoelens van de burgerij aan te wakkeren, maar men kan er zelf ook wat van. Kap ‘s met al die flauwekul!
Telegraaf op zondag nr. 9: juli 2004



