In de namiddag van 29 december 2001 ging de toen 23-jarige Rosetta uit Hellevoetsluis bij de 43-jarige Huib K. langs om haar 21-jarige vriend Arno Betist op te pikken. Huib en Arno waren de nacht er voor wezen stappen en hadden, zo dacht Rosetta, een gat in de dag geslapen. Maar zo tegen vijf uur was het mooi geweest, vond ze en dus ging ze hem ophalen. De vriendschap tussen haar Arno en de twee keer zo oude Huib K. stond Rosetta eigenlijk niet zo aan. K. drong zich vaak op, was dwingend, opschepperig en liet zich in met drugs en anabolen en zijn naam werd ook wel genoemd in verband met misdrijven.
Toen Rosetta de woning van K. binnenkwam, merkte ze direct dat er iets mis was. Beide mannen lagen ogenschijnlijk op de bank te slapen, maar Arno zag blauw en toen ze hem een kus gaf voelde hij ijskoud. Arno was dood. Slechts 21 jaar jong. Na een avondje uit. Huib K. reageerde opvallend onaangedaan op de schokkende ontdekking en beet de huilende Rosetta op een gegeven moment zelfs toe: ‘Houd je bek hysterisch wijf! Bel gewoon de huisdokter’.
In plaats daarvan werd toch maar 112 gedraaid, maar toen de politie kwam volgde niet een nauwgezet onderzoek naar de dood van de jonge, kerngezonde Arno Betist, maar maakte men er zich met een Jantje-van-Leiden vanaf. ‘A. is overleden na overmatig gebruik van alcoholhoudende drank in combinatie met verdovende middelen’, werd in het proces-verbaal gezet. Nog dezelfde zaterdagmiddag werd het stoffelijk overschot vrijgegeven.
Er werd géén sectie verricht. Géén bloed afgenomen. En ook géén huiszoeking gedaan bij K., die bij de politie toch een zekere reputatie had. Het is waar, Arno lustte wel een slok en gebruikte ook wel eens wat cocaïne. Maar niet buitensporig, want hij was ook een sportman.Voor de politie was het onderzoek na een paar uur gesloten, maar voor Rosetta begon het pas en zou het jaren duren. Zij wilde uitgezocht hebben wat er precies was gebeurd, maar liep tegen een ambtelijke muur van onwil, onbegrip en ondeskundigheid.
Ze herinnerde zich dat Huib K. wel eens had opgeschept dat hij iemand met bepaalde medicijnen kon vermoorden zonder dat de doodsoorzaak werd ontdekt. En tussen hem en Arno was er de laatste tijd wat onenigheid geweest. Kon dat niet worden uitgezocht? De recherche was niet geïnteresseerd. Sterker nog tegen Rosetta en Arno’s ouders werden door de diverse politiemensen steeds verschillende doodsoorzaken genoemd: Arno was ‘weggeflipt’, hij had zijn tong ingeslikt, hij had een hartstilstand gehad, een hersenbloeding, hij had een overdosis gehad en er werd zelfs gezegd dat hij een ‘natuurlijke dood’ was gestorven.
Rosetta bleef bellen, smeken en klagen, maar werd overal afgepoeierd. Zelfs toen Huib K. begin 2003 werd gearresteerd voor de gruwelijke moord op de Rotterdamse juwelier Jean Chouiki. Rosetta had volkomen gelijk dat er meer met deze Huib K. aan de hand was, maar toch werd de zaak van Arno niet heropend. En op een gegeven moment had dat ook geen zin meer, want een half jaar na zijn arrestatie voor de juweliersmoord hing K. zich op in zijn cel en nam eventuele geheimen mee in zijn graf.
Ook dit was geen reden voor Rosetta om de strijd voor de nagedachtenis van haar vriend te staken. Zij schreef beklagbrieven naar het parket en de korpsleiding. Ik hoop niet dat u de illusie heeft dat die keurig werden beantwoord, want dan kent u de arrogantie van de macht nog niet. Ze kreeg meestal helemaal géén reactie en als deze maanden later (!) wel kwam, was het een afwijzing. De politie bleef volhouden dat er een ‘gericht en kritisch onderzoek’ had plaatsgevonden. Er waren wat getuigen gehoord (die tegenstrijdige verklaringen aflegden) er was een (vluchtig) technisch onderzoek gedaan, het feit dat K. antecedenten had was ‘geen reden voor verder onderzoek’ en zodoende werden er ‘geen aanwijzingen gevonden voor een misdrijf’.
Rosetta diende uiteindelijk een klacht in bij de Nationale Ombudsman die een diepgaand onderzoek instelde en onlangs – vier jaar na de dood van Arno – met een vernietigend rapport kwam. Rosetta kreeg op alle punten gelijk. Politie en Justitie hadden haar onvoldoende en verkeerd voorgelicht, er had nader onderzoek (sectie!) naar de dood van Arno moeten worden verricht en het negeren van haar klachtbrieven was onbehoorlijk. Afgelopen week belde ik Rosetta op en vroeg of ze inmiddels als iets van de politie en het parket had gehoord, excuses bijvoorbeeld. Rosetta lachte cynisch: ‘Excuses? Natuurlijk niet! Toen ik mijn klacht had ingediend heb ik wél een gesprek gehad en het eerst wat men toen zei is: ‘Aan excuses doen we hier niet’ Als ik minister van Justitie was, liet ik ze naar Rosetta kruipen!
Telegraaf op zondag nr. 29: mei 2005



