Tiplijn:
0800 - 333 2 333

Wie pleegde de roofmoord op Jacob Barber?
dinsdag 27 januari 2004, 12:00 uur
Wie pleegde de roofmoord op Jacob Barber?

Op de avond van woensdag 14 april 1971 werd in Amsterdam-Buitenveldert de 67-jarige diamantair/goudsmid Jacob Barber op gruwelijke wijze vermoord in zijn woning aan de Nijenburg. Barber had die avond twee klanten, een man en een vrouw, op bezoek die juwelen en sieraden wilden bekijken. In bijzijn van zijn 60-jarige vrouw Rosetta had Barber de twee bezoekers zo rond negen uur in zijn flat ontvangen. Hij deed dat wel eens vaker. De man en de vrouw waren eerder die dag al in zijn zaak aan de Amsterdamse Keizersgracht geweest en hadden de diamantair een lucratieve transactie in het vooruitzicht gesteld, die zij die avond wilden afronden. Toen de collectie sieraden op tafel was gekomen, had het paar echter een vuurwapen getrokken. Jacob Barber was abrupt doodgeschoten en het tweetal had snel voor een vermogen aan gouden horloges, diamanten en briljanten bij elkaar gegrist en was er vervolgens vandoor gegaan, de ontredderde Rosetta als weduwe achterlatend. De zaak is nooit opgelost. De reden dat ik over dit al lang verjaarde, oude misdrijf begin, is dat ik verleden week bezoek kreeg van de zoon van Jacob Barber. Hij vertelde me dat de moord op zijn moeder een verlammende uitwerking heeft gehad. Zij heeft het trauma van die avond nooit kunnen verwerken en bleef altijd bang dat de voortvluchtige daders ooit nog eens terug zouden komen, ook toen het misdrijf achttien jaar later al verjaard was. In december 2003 was ze op 92-jarige leeftijd overleden en op haar sterfbed had ze het met haar zoon opnieuw over die noodlottige avond uit 1971 gehad. ‘Ik wil weten wie het gedaan hebben’, had ze gezegd. De zoon had kort daarvoor alles wat zij nog wist over het misdrijf op een bandje opgenomen. Samen met een stapel vergeelde documenten en oude krantenknipsels legde hij het voor mij neer, met de vraag of er nu zijn moeder was overleden toch nog iets kon gebeuren.

Mijn interesse was gewekt. Ik kende de zaak al. In de door mij geschreven memoires van de roemruchte Amsterdamse commissaris Gerard Toorenaar wordt de moord zijdelings genoemd. Ik nam het dossier en het bandje aan en nam het mee naar huis. Daar speelde ik de bijzondere nalatenschap van Rosetta Barber af. Ik hoorde een oude vrouwenstem, sympathiek, met onmiskenbaar Amsterdams-accent. Nauwkeurig deed ze aan haar zoon verslag van wat er die avond gebeurd was. Ze had zelf geen goed gevoel gehad bij de twee klanten die op bezoek kwamen. ‘Ik zei nog tegen je pa: Jacob, kijk uit, ik vertrouw ze niet’. Maar Jacob lachte, je weet toch wel hoe hij altijd lachte? Hij zei: Wat denk je nou, doe niet zo mesjogge, ik sla ze met hun koppen tegen elkaar als ze wat proberen’.

Rosetta Barber was bij de transactie aanwezig in de flatwoning, maar begreep niet alles omdat de bezoekers Engels spraken. Maar er vielen haar wel een paar dingen op. ‘Het waren een man en een vrouw, maar ik weet zeker dat zij een pruik op had. Ze had ook grote zwarte ogen, met duidelijk aangeplakte wimpers. Ze hield ook steeds haar handschoenen aan, zelfs toen Jacob haar een ring wilde laten passen. Dat was heel gek. En toen je vader een Cognacje serveerde, zoop dat wijf dat ook in een keer op’. De recherche ging er later vanuit dat de vrouw wellicht een verklede man was. Haar ‘echtgenoot’ zouden wij tegenwoordig een ‘Tedje-van-Es-type’noemen: krullenkop, penosebril en bakkebaarden.

Na een poosje was Jacob Barber met het ‘echtpaar’ naar het zijkamertje gegaan in de woning waar hij ook sieraden had liggen. Over wat er toen gebeurde verhaalde Rosetta op het bandje: ‘Ik hoorde pa in het kamertje ineens twee keer zeggen: ‘Wat doe je nou… wat doe je nou!?’ Ik hoorde ook wat rammelen, maar geen echte schoten. En toen was het ineens stil. Ik wilde naar het kamertje toelopen, maar die vrouw kwam toen net de woonkamer weer binnen. Ze keek me met grote ogen aan. Ze had een revolver in haar hand en deed haar wijsvinger op haar lippen: ik mocht geen kik geven. Het was een overval… Toen kwam je vader naar binnen strompelen en viel neer met in zijn kielzog de moordenaar, die alles haastig in zijn zakken begon te proppen’.De politie ging er destijds vanuit dat de daders zuidelijke types waren, wellicht Italianen, Spanjaarden of Zuid-Amerikanen. Er werden compositietekeningen verspreid, maar het recht had nooit zijn loop. De daders moeten nu, ruim dertig jaar later, als zij nog leven ook dik in de zestig zijn, want ze waren in 1971 door Rosetta op zeker dertig jaar geschat. Ik heb bij de Amsterdamse politie geïnformeerd of men nog iets heeft van deze moordzaak, maar het dossier blijkt vernietigd. Er zijn alleen nog wat foto’s van de technische recherche bewaard gebleven.

Rosetta Barber wilde ruim dertig jaar lang weten wie haar levensgeluk hebben vernietigd, maar durfde dat nooit hardop te vragen. Toen ze zelf een paar maanden geleden hoogbejaard stierf, was haar vermoorde man Jacob in haar gedachten. En als ik het bandje met haar trieste relaas helemaal heb afgeluisterd, heb ik het gevoel dat ik haar laatste wens niet kan en mag negeren en dus vraag ik hier: weet iemand wie op de avond van woensdag 14 april 1971 in Amsterdam-Buitenveldert de 67-jarige diamantair/goudsmid Jacob Barber in zijn woning heeft vermoord?

Panorama nr. 17: april 2004

Laatste update: vrijdag 30 september 2011, 15:03 uur