Wanneer komt een zaak in aanmerking voor behandeling in mijn programma? In mijn vorige column schreef ik dat het nieuwe televisieseizoen er aan komt en dat in de redactievergadering de keuze van nieuwe ‘dossiers’ dus weer aan de orde is. Omdat het aantal hulpverzoeken het aantal uitzendingen vele malen overtreft moeten er heel wat onderwerpen sneuvelen. De lat ligt behoorlijk hoog en 25 jaar misdaadverslaggeving heeft er voor gezorgd, zo stelde ik verleden week, dat ‘ik geloof in feiten, niet in blauwe ogen’. En dat geldt voor mijn redactie ook. Gevolg is dat het er op bijeenkomsten best heftig toe kan gaan. Op de openingsvergadering discussieerden we merkwaardig genoeg niet het langst over een gruwelijke moord, een mysterieuze verdwijning of aangrijpende zedenzaak, maar over een ordinaire drugssmokkel.
Collega Ilan Sluis presenteerde het dossier van John G. en zijn vrouw Godelieve van S., die verleden jaar mei op Schiphol werden ingerekend omdat er in hun bagage 30 kilo cocaïne werd gevonden. Het echtpaar was zes dagen op vakantie geweest op Aruba en bij terugkeer was men bij een routinecontrole in de bagagekelder op twee verdachte tassen gestoten. Er zat in totaal 30 kilo ‘wit goud’ in. Toen de 44-jarige G. en zijn even oude vrouw het vliegtuig uitstapten werden zij meteen aangehouden. Ik zag bij de redacteuren wat wenkbrauwen omhoog gaan: so what’s the point? Collega Ilan betoogde dat er meer was. Het echtpaar ontkende dat de tassen van hen waren, zij wisten helemaal niets van de smokkel af. Zij beweerden dat iemand op Aruba de bagage op hun naam moest hebben ingecheckt. Het leek er op alsof de marechaussee overhaast had toegeslagen. Men had niet gewacht tot het echtpaar bij de bagageband op heterdaad betrapt kon worden. Evenmin had men gecontroleerd of er vingerafdrukken of DNA van hen op de tassen zat. “Hadden ze naast deze twee tassen nog een andere koffer in het vliegtuig?”, vroeg ik. Ilan antwoordde dat het paar een zesdaags vakantietripje naar Aruba had gemaakt en alleen handbagage bij zich had gehad. Collega Chantal van Schuylenburch snoof direct: “Pfff…Wie gaat er nou naar Aruba met alleen maar handbagage, dat vind ik heel verdacht.” Ik vond dat ook wel tegen hen spreken, maar eindredactrice Anne Marie Wegman schudde haar hoofd: “Ach, waarom, je hebt daar niet veel nodig.” Verslaggever Kees van der Spek beaamde dat: “Als ik naar Thailand ga, neem ik ook alleen handbagage mee.” Maar dat was nog niet alles. Bij controle van de tickets van het echtpaar bleek dat daar twee zogenaamde claimtags ingeplakt waren: kleine bonnetjes met een zogenoemde barcode die bij verlies van de bagage noodzakelijke informatie over de eigenaren en de vluchtbestemming bevatten. Bovendien had de KLM-stewardess op het ticket van John G. gekrabbeld dat zijn tas was gepulled met die van zijn vrouw, wat betekende dat één tas van hem was, maar dat die op het ticket van zijn vrouw was geregistreerd. “Nou, dan is het toch duidelijk…”, zei redacteur Marjon Rozema schouderophalend. Ik vond dat ook bezwarend. Waarom zou een – gescreende – stewardess claimtags inplakken en die aantekeningen maken als iemand helemaal geen bagage bij zich heeft? Stel dat het ervaren reizigers betrof, dan zou dat alleen maar opvallen, met alle risico’s van dien.
Ilan Sluis had de ietwat ondankbare taak de zaak te verdedigen, terwijl hij zelf de zwakke plekken ook wel zag. “Vanaf de Antillen is wel eerder ‘spookbagage’ gekomen”, zei hij, “en er is ook ooit corruptie bij het grondpersoneel vastgesteld. Bovendien zijn de verdachten heel keurige mensen, zonder financiële problemen, met een baan en eigen huis. Hun advocaat mr. Charles Starmans gelooft ook dat ze echt onschuldig zijn…” Verslaggever Evert Nijkamp grinnikte: “Ja, dat zegt ie bij elke cliënt!” En zo werd er nog een poos door gediscussieerd, zonder dat we erg echt uitkwamen of deze mensen nu tragische slachtoffers waren of doortrapte daders. Toen ze terecht moesten staan ging ik daarom met Ilan samen kijken. En inderdaad, het paar zag er bepaald niet uit als Bonnie & Clyde, hun wanhoop leek echt. Maar ja, drugssmokkelaars zijn natuurlijk niet altijd haveloze junks met een strafblad, maar soms ook geslaagde burgers die tijdens een vakantietrip de slag van hun leven willen slaan. “Het wordt vrijspraak, op zeker”, voorspelde mr. Starmans mij niettemin zelfverzekerd voor hij de rechtszaal binnen ging. Tijdens de zitting ontspon zich vervolgens tussen de procesdeelnemers een discussie die met onze redactievergadering was te vergelijken. Twee weken later deed het hof uitspraak: schuldig. Het vonnis: 48 maanden cel voor beiden. Ik streepte het onderwerp door op mijn denkbeeldige lijstje voor het nieuwe seizoen. Het recht heeft zijn loop gehad, maar echt helemaal lekker zit het me niet…
Panorama nr. 39: september 2003




