Er is niets dat zoveel woede in mij kan oproepen als onrecht. Wat dat betreft ben ik in het goede vak terechtgekomen. Nu zijn er natuurlijk verschillende soorten onrecht, maar onrecht dat wordt aangedaan of veroorzaakt door autoriteiten die nota bene juist zijn aangesteld om dat te voorkomen, spant bij mij de kroon. Overheden, zoals politie en justitie, die burgers bepaalde dingen opleggen en verbieden, maar zelf vervolgens een loopje met het recht nemen, werken bij mij als de bekende rode lap. En helemaal des duivels kunnen ze mij krijgen als politie en justitie uit onkunde en desinteresse falen en blunderen, maar vervolgens alles doen en laten om dat te verdoezelen, ook al ruïneert dat levens en reputaties van volstrekt onschuldigen.
Om die reden heb ik me zeven jaar lang in de Puttense moordzaak vastgebeten. En toen ik een aantal maanden geleden kennis nam van de achtergronden van de ontknoping in de Zaanse Paskamermoord, wist ik dat ik daar een uitzending over MOEST maken. Nooit heb ik zo’n aaneenschakeling van flaters gezien. Even heel kort: na de moord op de 21-jarige Sandra van Raatten (zie foto) in november 1984 werd de toen 33 jarige fietsenhandelaar Rob van Zaane gearresteerd, die volkomen onschuldig was en ook een sterk alibi had. Gelieg, gemanipuleer en ongelooflijk stuntelig recherchewerk zorgden ervoor dat bij werd veroordeeld en pas in hoger beroep werd vrijgesproken. Politie en justitie bleven daarna ijskoud roepen dat hij toch de dader was. Van Zaane ging zodoende zeventien jaar lang gebukt onder de doem der verdenking en werd overal nagewezen.
Totdat door toedoen van de moeder van Sandra het onderzoek in 2001 werd heropend en onomstotelijk bleek dat de werkelijke dader heel iemand anders was, iemand die men al de eerste week na de moord in hetvizier had gehad. Na deze pijnlijke ontknoping kon geen van de politie- en justitiefunctionarissen die de plank zo afschuwelijk hadden misgeslagen een excuus over de lippen krijgen. Ze hebben inmiddels allemaal promotie gemaakt en verscholen zich laf achter hun persvoorlichter. Rob van Zaane moet zich ondertussen gek procederen om alsnog een schadevergoeding te krijgen.
Voor mijn uitzending zocht ik ook contact met de moeder van Sandra van Raalten, die de zaak weer aan het rollen had gebracht. Ik wilde haar graag interviewen. Ze schreef me een brief waarin ze uittegde dat ze daarvan afzag. Ze was verbitterd, de gebeurtenissen hadden haar beschadigd. “Ik leef al negentien jaar in een nachtmerrie. Ik ben de afgelopen jaren achterdochtig geworden jegens media om de oppervlakkige berichtgeving. Destijds had men mij behulpzaam kunnen zijn, maar toen meldde men zich niet. Ik heb daarom besloten dat ik alleen de strijd moet voeren om de waarheid boven tafel te krijgen.” Over het politieonderzoek schreef ze: dochter is door politie/justitie groot onrecht aangedaan. Alsof het niet gruwelijk genoeg was, hebben zij haar naam en nagedachtenis door het slijk gehaald. omdat ze in hun absurde scorings drang de realiteit volkomen uit het oog verloren ( … ) Het kostbare en prachtige leven van mijn kind is vernietigd en justitie heeft door haar ‘slordige’ aanpak deze tragedie vergroot. Mijn dochter had door haar persoonlijkheid en verschijning helaas met veel afgunst te maken. Dat kwam de politie wel goed uit en zo lieten ze een beeld ontstaan als zou mijn dochter het onheil wel over zichzelf hebben afgeroepen.”
Over wat dat met haar zelf gedaan heeft, schrijft ze: “Wij, haar familie, waren machteloos. Naast het verdriet maakte woede zich van mij meester. Ik heb me afgelopen jaren ingespannen om de waarheid boven tafel te krijgen. Ik ben het mijn dochter verschuldigd omdat ik wist wie ze was. Ik wil eerherstel voor mijn dochter. Ik wil dat degenen die verantwoordelijk zijn voor deze non-prestatie haar openlijk in ere herstellen. Hiervoor strijd ik nu met justitie. Voor deze strijd heb ik al mijn verstand en kracht nodig.”
Twee weken geleden hebben we zonder haar medewerking de missers in de Paskamermoord in een twee uur durende reportage belicht: een schokkend, verontrustend document. Mijn slottekst moest ik een keer overdoen omdat ik mijn emoties over zoveel onrecht even niet de baas kon. De uitzending leidde tot een dikke stapel reacties van kijkers, die evenzeer verontwaardigd waren. Er zat ook een brief bij van de moeder van Sandra van Raalten. Ze schreef mij dat ze de uitzending met waardering had bekeken en dat ze de strijd voor eerherstel van haar dochter zou blijven voortzetten. “Ik wil u hiermee laten weten dat ik wat meer moed heb gekregen na uw uitzending en ik hoop dat dit ook geldt voor de andere onschuldige betrokkenen.” Begrijpt u dat dit ene briefje voor mij van meer betekenis is dan de vloedgolf van reacties na mijn Mabel-scoop?
Panorama nr. 49: november 2003




