Tiplijn:
0800 - 333 2 333

Jan Blaauw, doel bereikt: 26-06-2001
woensdag 11 juli 2001, 12:00 uur
Jan Blaauw, doel bereikt: 26-06-2001

Het is lang geleden dat ik naar een gerechtelijke uitspraak ging met een onbestemd, drukkend gevoel in mijn maag, zeg maar de ‘kriebels’. Normaal gesproken zorgt de beroepshalve vereiste afstandelijkheid er voor dat op z’n hoogst je nieuwsgierigheid is geprikkeld. Maar vorige week, op 26 juni 2001, was dat onmiskenbaar anders. Ons hoogste rechtscollege, de Hoge Raad, zou uitspraak doen in de Puttense moordzaak en beslissen of er wel of niet een herziening zou komen van deze gerechtelijke dwaling. Het was het Uur-U in een affaire die deel van mijn leven is geworden. Samen met de Twee van Putten en hun vrouwen reed ik naar Den Haag, waar Jan Blaauw al stond te wachten, eveneens met een licht opspelende maag, zo vertrouwde hij me toe. Blaauw en ik vormen in de Puttense moordzaak een uniek gelegenheidsduo: de hoofdcommissaris en de misdaadverslaggever. We kenden elkaar uiteraard al voor die tijd, maar ‘Putten’ heeft ons echt bij elkaar gebracht. Zes jaar lang hebben we samen de research gedaan in deze justititele dwaling. We zijn vaak samen op pad geweest, plozen gezamenlijk de dossiers uit, hoorden betrokkenen, maakten reconstructies en tijdlijnen en hebben oeverloos met elkaar overlegd, getelefoneerd, gefilosofeerd, gespeculeerd over de mogelijkheden en onmogelijkheden in de moordzaak. En altijd gaf Blaauw blijk van een recherchekennis, die ik soms bij zijn collegae node mis. Maar naast ons serieuze overleg, hebben we niet zelden ook veel lol gehad en onbedaarlijk gelachen over missers, commentaren, observaties en kromme en volstrekt ongeloofwaardige zinsneden uit de processen verbaal, die we in onze gesprekken met graagte citeerden. In onze 35 uitzendingen over de Puttense moordzaak was Blaauw meestal op een of manier aanwezig, met uitspraken die altijd de spijker op zijn kop sloegen. In september 1997, we waren toen twee jaar samen ‘onderweg’, gaf hij me bij een van onze ontmoetingen het in leergebonden laatste exemplaar van het door hem geschreven standaardwerk ‘Criminele tactiek’ cadeau. Als opdracht schreef hij er in: ‘Ter herinnering aan onze gezamenlijk inspanningen om voor de ‘twee van Putten’ het recht te laten zegevieren’. En onderaan de bladzijde schreef hij: ‘Doel bereikt op: ..-..-….’. Datum en jaartal ontbraken nog. We hadden samen afgesproken nooit op te geven in deze affaire, ook al was de situatie soms uitzichtloos en de tegenwerking niet gering. Het was een belofte die in onze ontelbare telefoongesprekken dikwijls terugkwam.

Welnu, op die 26 juni was het dus er op of er onder. Nerveus schoven we de zaal in. Ik voorin, samen met Wilco Viets en Herman Dubois. Jan Blaauw bescheiden als altijd achterin, waar hij in de loop van de vele zittingen zijn ‘eigen’ stoel claimde. De spanning was om te snijden en ik zal nooit de woorden van de president van de Hoge Raad, mr. W.E. Haak, meer vergeten die direct na de opening zei: ‘Ik zal u niet lang in spanning houden… De Hoge Raad verklaart uw aanvraag tot herziening gegrond’. U heeft op tv kunnen zien wat dat zinnetje voor emotionele taferelen veroorzaakte. Hier hadden we zes jaar lang voor gepleit en gestreden! Herman Dubois schudde me krachtig en ontroert de hand en ik voel me niet te groot om te zeggen dat op dat moment de tranen in mijn ogen schoten. Daarna keek ik naar achter in de zaal, waar Jan Blaauw zat. Onze blikken kruisten elkaar veelbetekenend. En ik vergis mij niet als ik zeg dat toen ik hem even later op de schouder sloeg, ook zijn ogen wat vochtig waren. De rest van de dag werd gevuld met interviews, tv-opnamen voor een extra uitzending – de 36-ste! – en heel veel felicitaties. De emails, sms-en, bossen bloemen, champagne, telefoontjes en faxen stroomden binnen. Langzaam drong het besef door dat we rechtsgeschiedenis hadden geschreven. Toen ik thuis kwam, liep ik naar mijn boekenkast en haalde daar het boek ‘Criminele Tactiek’ van de plank. Ik las opnieuw de opdracht die Jan Blaauw er destijds in had gezet. Ik maakte er een kopie van, pakte een pen en schreef bij ‘Doel bereikt’: 26-06-2001. En even later gleed het door de fax naar Jan Blaauw…

Panorama nr. 28: juli 2001

Laatste update: donderdag 18 maart 2010, 15:23 uur