Tiplijn:
0800 - 333 2 333

Ik was best een beetje zenuwachtig…
woensdag 8 oktober 2003, 12:00 uur
Ik was best een beetje zenuwachtig…

De afgelopen week was niet alleen de meest turbulente uit het leven van reserve-koningin Mabel Wisse Smit, maar ook in het mijne scoorde hij 9.0 op de schaal van Richter. Het komt niet vaak voor dat een journalistieke scoop zoveel opwinding veroorzaakt en het Nederlandse persleger in opperste staat van paraatheid brengt. Het interview, in Chili, met de voormalig bodyguard van Klaas Bruinsma zorgde voor een ongekende ‘media-blitz’. Oké, toen ik in 1994 voor Panorama in Paraguay de voortvluchtige Heineken-ontvoerder Frans Meijer opspoorde, wilde ook iedereen het naadje van de kous weten. En toen justitie bij mij thuis ooit een inval deed omdat ik gestolen floppy’s met geheime politie-informatie had geopenbaard, werd ik een paar dagen plat gebeld. De uiteindelijke vrijspraak van de Twee van Putten, in april 2002, was natuurlijk ook een mediahappening en toen ik drie jaar geleden in het Limburgse dorpje Helden bemiddelde bij een gijzeling, moest ik mij ongeveer een week lang schrap zetten en ook mijn toespraak op de begrafenis van Cor van Hout, begin dit jaar, vulde menige column en televisierubriek.

Maar toch leggen deze gebeurtenissen het uiteindelijk af tegen het mediacircus dat op gang kwam toen het dertig-secondenspotje van bodyguard Charlie da Silva afgelopen week op tv kwam: een soort Al Capone, die een geweer en een riem vol jachtpatronen nonchalant over de schouder liet bungelen en de tv-kijker in een soort steenkolen Nederlands toesprak, nadat hij zijn donkere zonnebril traag had afgezet: “Hai… ik ben Charlie. Ik was die bodyguard van die Lange… Klaas Bruinsma… Overal waar hij ging, ging ik ook…. Mabel… ken je me nog? Ik jou wel…!’ De zonnebril ging weer op en hij beende langzaam weg. De telefoon rinkelde en blééf rinkelen. Iedereen wilde weten wat we precies gingen brengen en welke consequenties dat voor het Oranjehuis zou hebben.

Het was moeilijk om geconcentreerd te blijven, terwijl de reportage nog niet eens helemaal af was. Er liep nog een gevoelige correspondentie met de Rijksvoorlichtingsdienst en Mabel Wisse Smit, waardoor we de inhoud steeds weer moesten aanpassen. Collega Kees van der Spek, die met mij mee naar Chili was geweest en de regie deed, was de laatste dagen tot de nachtelijke uurtjes in de montagekamer bezig. Dit wel erin… dat niet… dat ietsje korter… verdorie, waar is die kleine quote nou gebleven?… O jee, dat document moet er nog in! Waar blijft die reactie van de RVD nou!? Moet die foto gebalkt worden? En ondertussen probeerden de media onophoudelijk mij voor de uitzending een nieuwtje af te troggelen.

Uiteindelijk was het programma pas twee uur voor uitzending echt gereed. Voor het eerst in negen jaar kwam SBS-directeur Bart in ‘t Hout de band vooraf in de montagekamer bekijken, want ja… dit ligt wel heel gevoelig. Daarna kon de band naar de uitzendstraat in Amsterdam worden gebracht (“Draai een extra kopie, je weet nooit wat er onderweg gebeurt!”) De spanning liep hoog op. Ik ben na 25 jaar misdaadjournalistiek niet zo snel uit mijn evenwicht, maar ik schroom er niet voor om toe te geven dat ik voor deze uitzending best zenuwachtig was. Ik realiseerde me dat een klein foutje genadeloos zou worden afgestraft, dat als een verkeerde toon werd aangeslagen de boodschapper zou worden aangevallen, ja, dat als we echt een blunder zouden maken, het voor mij en mijn team einde oefening kon betekenen. In de talrijke e-mailtjes die ons voor de uitzending bereikten, werd daar ook nadrukkelijk op gewezen: “Peter, je hebt de afgelopen jaren de strijd aangebonden met politie, justitie en vele criminelen, maar waar je nu aankomt is het Koninklijk Huis… Dat is van een andere orde. Hopelijk weet je wat je doet…,” klonk het bijna dreigend.

Een paar seconden na afloop van het programma ging de telefoon weer. Het was mijn oude baas Fons van Westerloo, die afgelopen zomer naar concurrent RTL is overgestapt: “Potverdomme Peter… Ik ben stinkend jaloers op SBS!” Daarna was het niet meer te stoppen. Radio, televisie, kranten, buitenlandse pers. Tientallen verzoeken om in programma’s te komen. Om u even een kleine illustratie te geven: op vrijdag begon het met een optreden in RTL-Boulevard, daarna Stem van Nederland. Afschminken? Nee, laat maar zitten, de taxi staat buiten al klaar voor B&W en daarna moet ik snel door naar Nova. Onderweg haastige telefonische interviews met kranten, radiostations en nieuwsrubrieken. Toen ik ‘s avonds laat uitgewoond thuiskwam, draaide er een uitgebreid overzicht van ‘Mabelgate’ op een van de journaals. De huistelefoon rinkelde, in mijn jaszak piepte mijn gsm dat er weer een sms’je binnenkwam. “En, hoe was het vandaag…?” vroeg mijn vrouw.

Panorama nr. 42: oktober 2003

Laatste update: vrijdag 30 september 2011, 15:03 uur