In de zomer van 1990 wordt de 22-jarige Natascha Meijer vermoord. Natascha is alleenstaand en moeder van een dochtertje van 4. Ze woont aan de Beukelsdijk in een oude volkswijk in het westen van Rotterdam.
In het weekend van de moord logeert het kindje bij oma. Natascha heeft het rijk alleen. Haar moeder Ilone van Poppel, wordt ongerust als Natascha dat weekend geen enkele keer belt om te informeren hoe het met haar dochtertje gaat. Ilone neemt daarom poolshoogte bij de woning van Natascha en doet dan een ontdekking die de rest van haar leven op haar netvlies zal blijven branden.
Op een matras dat in de kamer ligt, treft zijn het levenloze lichaam van haar dochter aan. Natascha is gewurgd op in verschillende plekken in haar lichaam gestoken.
De politie begint een uitgebreid onderzoek. Verschillende sporen als sigarettenpeuken en een niet opgerookte joint worden veiliggesteld voor onderzoek. In die tijd is het nog niet mogelijk om DNA te achterhalen. Wel kan de politie vergelijkend bloedonderzoek laten uitvoeren.
Hieruit blijkt dat de peuken niet zijn gerookt door Natascha zelf maar door iemand anders.
Als de patholoog anatoom het lichaam van Natascha onderzoekt, wordt vastgesteld dat ze is overleden als gevolg van bloedverlies en verstikking. De patholoog ontdekt op het lichaam van Natascha ook niet ingedroogde spermasporen. Dat betekent dat Natascha vlak voor haar dood seks heeft gehad. Mogelijk heeft deze man haar omgebracht, zo redeneert de recherche.
Als de spermasporen worden onderzocht blijkt dat de bloedgroep hiervan overeenkomt met dat van het speeksel op de aangetroffen joint, namelijk bloedgroep O.
De politie gaat naarstig op zoek naar mannen waar Natascha de laatste tijd mee om ging en waar ze seks mee had. En dan komt een naam als snel naar boven. Het gaat om de dan 25-jarige Rotterdammer Rene. Hij blijkt op vrijdagavond bij Natascha op de koffie te zijn geweest. En daarmee is Rene de laatste die Natascha in leven heeft gezien.





