Op 21 maart 1997 wordt de 33-jarige psychologe Els Slurink in haar benedenwoning aan het Van Brakelplein in Groningen dood aangetroffen. De jonge vrouw werd met een steek in haar hart vermoord.
Els Slurink was een veelbelovende psychologe die werkte als coördinatrice bij het Diagnostisch Centrum van het Academisch Ziekenhuis. Zij deed onderzoek bij kinderen waarvan het vermoeden bestond dat ze seksueel waren misbruikt.
De moord op Els Slurink is tot op de dag van vandaag onopgelost. De recherche vermoedt dat Els Slurink in de nacht van 20 op 21 maart van het leven is beroofd, juist toen ze op het punt stond om naar bed te gaan.
Belangrijkste aanknopingspunten in deze zaak zijn de sporen op de plaats delict. Op een wijnglas in de keuken worden de vingerafdrukken van Els gevonden. Op een limonadeglas treft de technische recherche de vingerafdrukken aan van zowel Els als van een onbekende. De recherche is ervan overtuigd dat dit dactyloscopisch spoor toebehoort aan iemand die op de avond van de moord bij Els in de woning is geweest, maar zich niet heeft gemeld bij de politie. Mogelijk is dit zelfs de dader.
Het moordwapen wordt in de woning niet gevonden, maar de recherche houdt er rekening mee dat het moordwapen een schaar kan zijn geweest . De vraag is hoe de moordenaar is binnengekomen. Er worden geen sporen van braak aangetroffen. De voordeur van de woning zit nog op het nachtslot. De keukendeur aan de achterzijde is weliswaar dicht, maar niet afgesloten. De poort van de tuin naar de brandgang is weer wel op slot.
Dat laat drie opties: Els moet de dader zelf hebben binnengelaten, de moordenaar moet zijn binnengedrongen via de niet-afgesloten keukendeur of moet over een eigen sleutel hebben beschikt, zo concludeert de recherche. De sleutel van de keukendeur, die normaal gesproken aan een haakje links naast de deur hangt, is echter verdwenen.
In de tuin worden drie voetsporen aangetroffen, behorend bij het type legerkistjes. De sporen zijn halverwege de tuin in de blubber gedrukt en bevatten naalden van een conifeerachtige boom. Hoe de dader in de tuin is gekomen is onzeker. Er worden geen klimsporen gevonden op de tuinpoort. Wel is er een vrije doorgang via de tuinen van de buren. De ‘stille getuigen’ in de woning geven geen uitsluitsel over het motief voor de moord. Er zijn geen sporen van een worsteling.




