8 oktober 1975. Op de Diemerzeedijk in Amsterdam wordt het lichaam gevonden van de 11-jarige Angela Mangot. Het kinderlijkje ligt verscholen op een afgelegen plek in het hoge riet. Al snel blijkt dat het meisje is verkracht en gewurgd.
Angela is op zondag 5 oktober, drie dagen voor de vondst van haar lichaam, voor het laatst gezien op het Centraal Station in Amsterdam. Die middag speelt ze samen met haar zusje Olga in het park terwijl de rest van het gezin naar Zandvoort is vertrokken.
Tegen het einde van de middag besluiten de meisjes naar het CS te gaan, om daar wat te kijken en rond te hangen. Onderweg verandert Olga echter van mening en gaat naar een vriendinnetje. Angela wil persé naar het station en vervolgt haar weg alleen. Het Centraal Station is een plek waar Angela wel vaker rondhangt. Het is haar favoriete speelplaats. Een plek om naar mensen te kijken en af te toe een praatje met voorbijgangers te maken.
Die zondag knoopt zij een gesprek aan met een echtpaar met een hondje. Ze loopt met het echtpaar mee naar de trein en zwaait hen uit. Daarna ontbreekt ieder spoor van Angela. Als Angela’s zus Olga die avond rond tien uur ‘s avonds thuis komt, is Angela nergens te bekennen. Een half uur later gaat het gezin zoeken. Ze kijken bij het CS of Angela’s fiets daar nog staat, maar die kunnen ze op dat moment niet vinden.
Een dag later gaat Angela’s broer Willem voor alle zekerheid nog een keer zoeken. Tot zijn verbazing vindt hij Angela’s fiets nu wel. Hij staat keurig op slot op een plek waar hij de vorige dag nog heeft gekeken. Willem neemt de fiets mee naar het politiebureau.
Een massaal onderzoek wordt opgestart. Tijdens een buurtonderzoek spreekt de politie tientallen getuigen. Hun verhalen leiden uiteindelijk tot een mogelijke dader; de 22-jarige M. M. is een vriend van Angela en Olga en woont bij hen in de buurt.
Olga heeft M. de dag na Angela’s vermissing nog op straat gesproken. Ze heeft hem toen gevraagd of hij Angela had gezien en misschien iets meer wist. M. schijnt zich toen nogal merkwaardig te hebben uitgelaten over de vermissingzaak. Zo liet hij Olga weten dat ze haar zus waarschijnlijk nooit meer zou vinden omdat ze al lang vermoord zou zijn. Een dag na de moord wordt M. gearresteerd. Als de politie begint met het verhoor van M. stapelen de aanwijzingen tegen hem zich op.
Op een broek die de politie in zijn huis aantreft, zit een bloedvlek. M. verklaart dat dit komt door een valpartij met de brommer. Hij bekent al snel dat hij eerder ontucht heeft gepleegd met een minderjarig meisje. Bovendien verklaart hij dat hij Angela op die bewuste zondagavond nog heeft gezien op het CS. Tijdens de vele lange verhoren maakt M. het zichzelf niet gemakkelijk. De politie confronteert hem keer op keer met de aantoonbare leugens in zijn verklaringen. Uiteindelijk moet M. tegenover de politie toegeven dat niemand hem een waterdicht alibi kan verschaffen.
De politie voert de druk tijdens de verhoren op en verwacht ieder moment een bekentenis. Maar de verdachte herstelt zich en trekt plotseling alle belastende verklaringen weer in. Zo bestrijdt hij dat hij de dag na de vermissing met Olga heeft gesproken over moord. Hij zou slechts gezegd hebben dat zij zich niet al te ongerust moest maken en dat Angela wel weer tevoorschijn zou komen. Ondanks de verdachte omstandigheden en de sterke vermoedens krijgt de politie de zaak tegen M. niet rond.
Voor de verjaring bestudeert Peter de zaak op verzoek van Angela’s zusje Olga. De politie geeft inzage in de dossiers van destijds en dat leidt op 24 oktober 1995 tot een uitzending die veel reacties oplevert. De gouden tip zit daar echter niet bij.Ook de voormalige verdachte M.M. laat van zich horen en het komt in een vervolguitzending zelfs tot een gesprek tussen hem en Olga. M. blijft ook dan ontkennen dat hij iets met de moord te maken heeft. De zaak is inmiddels verjaard.











